dinsdag 13 juli 2010

Hoge raad verwerpt cassatie Soenil D. in metselmoorden

De Hoge Raad heeft vandaag het beroep in cassatie van Soenil D. in de zogeheten metselmoordenzaak verworpen. Het gerechtshof in Den Haag veroordeelde D. 15 april 2009 tot achttien jaar gevangenisstraf, wegens doodslag op Rob Mahabier (25) en Jeroen Dekkers (24) (zie LJN  BI1178). Hun lichamen werden na de moord ingemetseld in een muur van een pand aan de Haagse Wolmaranstraat.

De rechtbank in Den Haag had D. in eerste aanleg op 4 september 2007 veroordeeld tot levenslang (zie LJN  BB2840). In hoger beroep concludeerde het hof dat er geen sprake was van moord, maar van doodslag, waarop minder straf staat. De vader en een broer van D. werden door het hof vrijgesproken. De broer was ook door de rechtbank al vrijgesproken, de vader had door dat rechtscollege twintig jaar opgelegd gekregen.

Spong wilde chirurg Huygen uit het Bronovo ziekenhuis laten getuigen omdat die de schuine richting van de wond had geconstateerd die de verdediging de stelling doet poneren dat hier sprake was van afweerletsel.
Ook de deskundige R. Eikelenboom (van IFS) had bij het Hof verklaard dat, ofschoon hij geen deskundige is op dat gebied, bij Soenil D, gelet op zijn verwonding, gesproken kan worden over afweerletsel. De Hoge Raad vond echter dat het Hof de afwijzing van Huygen als getuige voldoende had gemotiveerd
In cassatie had D.'s advocaat Gerard Spong geklaagd over onder meer de afwijzing van een getuigenverzoek (het horen van chirurg R.E.F. Huygen). Ook was de raadsman het er niet mee eens dat het hof een beroep op noodweer verwierp. D. heeft betoogd dat hij in doodsnood verkeerde en daarom de twee slachtoffers om het leven heeft gebracht. Het hof vond dat geen aannemelijk verhaal.

Rob Mahabier en Jeroen Dekkers werden in augustus 2004 als vermist opgegeven. Op 23 september van dat jaar vond de politie hun ingemetselde lichamen. De beide Zaankanters zouden tot een groep hebben behoord die Soenil D. en diens familie afperste en mishandelde. Op 12 augustus 2004 zouden ze naar Den Haag zijn gereisd om geld te incasseren bij de familie D.

In een woning aan de Cartesiusstraat in Den Haag zijn beide mannen met een groot aantal messteken om het leven gebracht. Daarna zijn zij in tapijten gerold en met een auto naar de Wolmaranstraat vervoerd. Het huis aan de Cartesiusstraat werd gestript. Niettemin vond de recherche daar later nog ettelijke bloedspatten en DNA-materiaal van zowel Soenil als de twee slachtoffers.

Met de uitspraak van de Hoge Raad is de veroordeling van Soenil D. definitief geworden (LJN BM4445).

Het feit dat het Hof destijds het verhoren van chirurg Huygen niet toestond is eigenlijk omnbegrijpelijk, maar helaas kenmerkend voor de Nederlandse rechtspraak. Het OM kan zoveel getuigen op laten roepen als zij wil terwijl de verdediging toestemming moet hebben van de rechter om getuigen te laten horen of bepaald onderzoek te mogen doen. Het OM kan dan zelfs nog protesteren tegen dat horen van getuigen of toestaan van onderzoek.

In de zaak van de metselmoorden kun je je afvragen waarom chirurg Huygen niet gehoord mocht worden, ongeacht wat voor reden het Hof daar ook voor gaf. Wat maakt het uit: één getuige voor de verdediging terwijl het OM er met gemak desnoods 20 kan laten opdraven. Je vraagt je haast af waar OM en het Hof bang voor waren.

Plaats op NuJij Voeg toe aan Blig Facebook Facebook