donderdag 20 mei 2010

Uitspraak 12 jaar en TBS voor doodslag Semiha Metin

Semiha Metin
Semiha_Ozkan_Metin
Geert B. (49) uit Glanerbrug is door de rechtbank (rechter Koster) in Zwolle vandaag veroordeeld tot 12 jaar en TBS  wegens “gekwalificeerde doodslag” op Semiha Ozkan Metin (8). Semiha werd op 14 februari 1991 in haar ouderlijk huis in Deventer omgebracht. De OvJ had 18 jaar en TBS geëist.

Geert B. wordt behalve van dit misdrijf ook nog verdacht van seksueel misbruik van verkrachting van een buurmeisje vorig jaar en van verkrachting van een meisje uit Lonneker tien jaar geledenen en van het bezit van 18.419 kinderpornografische afbeeldingen. De aanklager eiste eerder deze maand achttien jaar gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging tegen hem wegens doodslag.

Aysun Metin, de moeder van Semiha vond het lichaam van Semiha destijds in haar huis. Semiha bleek met een nachthemd te zijn gewurgd.

Later bleek daarop speeksel te zitten van een onbekende. B., die destijds tegenover het gezin van Semiha woonde, was kort na de dood van het meisje al verdachte. Hij werd uiteindelijk wegens gebrek aan bewijs vrijgelaten.

De zaak kwam weer aan het rollen met een aangifte in 2009 van misbruik van een nu 3-jarig meisje uit Enschede. Het meisje zei dat buurman Geert het had gedaan. Toen hij daarop werd gearresteerd en er DNA werd afgenomen, bleek er een match met het op Semiha gevonden DNA. Geert werd toen officieel aangehouden voor de moord op Semiha.

Geert B. had in de ontuchtzaak van de 3 jarige, tevens belastende verklaringen afgelegd over haar oma. Die ging uit protest in hongerstaking. De rechter sprak haar vrij wegens gebrek aan enig bewijs.

Volledig Vonnis.

Uit de zitting:
Het leven van Geert B. draait volgens het Openbaar Ministerie om lustbevrediging. Daar had hij jonge meisjes voor nodig. Hij was vrijwilliger in een buurthuis, bij een gymnastiekvereniging en via de gemeente bij schoolsport en sportinstuif. Bij de gymnastiek streelde hij meisjes meermalen tussen de benen.

Bij een pedovereniging kreeg hij tips hoe hij gevaarloos in contact kon komen met meisjes. “Alleen meisjes uit de buurt benaderen die je al kent en geen wildvreemden”, zei officier Van der Werf. “Zo is het inderdaad gegaan bij de slachtoffers van dit dossier”.

B. kreeg voorlichting van de stichting Martijn over het wissen en traceren van sporen.

Geert B. uit Glanerbrug ontkent dat hij  Semiha Metin misbruikte en vermoordde. Hij zegt dat hij slechts aan de deur is geweest en weer is weggegaan nadat hij tijdschriften en pinda’s had afgegeven. B. heeft tegenover de politie wel toegegeven dat hij het overbuurmeisje eerder misbruikte.

Geert B. geeft toe dat hij vorig jaar zijn driejarige buurmeisje in Glanerbrug seksueel heeft misbruikt. Hij maakte ook kinderporno met haar en bond en tapete het meisje zelfs een keer vast. Volgens hem vond zij het niet erg, juist omdat haar oma er bij was. B. kan vanwege dit misbruik een schadeclaim verwachten van tegen de 30.000 euro als voorschot.

Geert B. beweert haar niet te hebben verkracht, maar alleen te hebben ‘gekrast aan de buitenkant’. Hij stelt dat een eerdere bekentenis van verkrachting tegenover de politie onder druk is afgelegd en vals is. Geert B. misbruikte het meisje volgens eigen zeggen twee jaar. Inge O. (de oma van het meisje) zou er regelmatig bij zijn geweest. O. werd eerder hiervoor vrijgesproken.

Uit een slachtofferverklaring blijkt hoe het leven van het meisje veranderde. Ze leed aan woedeaanvallen, wilde niet meer worden aangeraakt en in bad doen werd een probleem. De verhuizing uit Glanerbrug heeft wat verbetering gebracht, maar slapen gaat nog altijd slecht. Ook de ouders hebben enorm geleden en werden heen en weer geslingerd tussen verdriet en schuldgevoelens. “Waarom hebben we niet eerder gezien wat Geert deed?”, verwijten zij zichzelf. Ze hebben zoveel mogelijk nieuwe spullen gekocht. “Alles wat ons aan Geert herinnerde, moest weg. We vragen ons af waar Geert het lef vandaan haalde om dit te doen. We maken ons zorgen om de toekomst van onze dochter. Wat gaat er in dat koppie om?”

Namens het meisje en de ouders zie letselschadejurist dat hij een voorschot zal claimen van tegen de 30.000 euro aan schadeloosstelling. Hij betreurde dat slechts een deel daarvan via het strafrecht verhaald kan worden en dat de rest via het civiele recht geclaimd zal moeten worden. Hij vindt dat de positie van slachtoffers in het Nederlandse strafrecht op dit punt moet worden verbeterd. Om de impact op de familie te schetsen noemde Drost de zelfmoord van haar opa ‘die niet geheel los kan worden gezien van onderhavige misdrijf’

Geert zegt dat hij valt op kinderen van drie tot twaalf jaar. Geert verklaarde dat hij tot drie keer toe om behandeling heeft gevraagd bij een kliniek vanwege deze seksuele behoefte. Hij werd echter steeds afgewezen. Daarna was bij hem elke drempel weg. Hij kon zelfs niet meer stoppen nadat de politie hem in 2006 betrapte. Die zaak bleef te lang liggen en leidde uiteindelijk tot seponeren van de zaak.

Geert B. zegt zich niets te herinneren van misbruik van een meisje uit Lonneker, toen hij tuinman was. Bekennende verklaringen zou hij hebben afgelegd omdat de politie hem heel gemeen en hard verhoorde.

De rechter  schetst dat men denkt dat Semiha 14 februari 1991 tussen 10.00 en 13.00 uur is gewurgd met de nachtpon van haar moeder. Er zat sporen op van Semiha, haar moeder en een onbekende. Geert B. woonde in de buurt en werd als getuige gehoord. Omdat hij de pyjama met een beertje erop van het meisje beschreef terwijl hij die helemaal niet vanaf zijn huis had kunnen zien, werd hij verdachte. Er bleek uiteindelijk echter onvoldoende bewijs tegen hem.

Als in 2003 een coldcase team de zaak weer op pakt worden allerlei mensen  gevraagd DNA af te staan om dat te kunnen vergelijken met het speeksel dat op de nachtpon is gevonden waarmee zij werd gewurgd. Geert B. werd ook gevraagd maar hij weigerde medewerking op advies van zijn advocaat.

Vorig jaar moest hij DNA afstaan vanwege de zaak in Glanerbrug. Daarop bleek dat het speeksel zijn DNA bevat.

De rechter houdt Geert B. voor dat hij tegenover de politie heeft verklaard dat hij het meisje seksueel misbruikte. Later trok hij dat weer in om te verklaren dat hij slechts aan de deur is geweest om strips te brengen.

4 september vorig jaar is B. met de politie in Deventer wezen kijken. Ook toen verklaarde hij over misbruik van Semiha. Als zij zich heftig verzette stopte hij het misbruik omdat hij ‘dat had geleerd in een behandelkliniek in Oosterbeek’.

Tegenover de rechter zegt Geert B. dat hij die dag niet binnen is geweest. Hij bracht tijdschriften en een bakje pinda’s. Mogelijk is er speeksel van hem op de nachtpon gekomen waarmee het meisje werd gewurgd doordat hij moest niesen of met consumptie sprak. Volgens B. verscheen het meisje met de nachtpon om haar nek aan de deur omdat het zo koud was. Geert zei dat hij ook naar het huis toeging om de ouders aan te spreken op het gedrag van het meisje, dat rommel bij de flat zou maken. Hij had dat niet zelf gezien, maar van andere mensen uit de flat gehoord.

Volgens deskundigen die Geert B. hebben onderzocht, gaan agressie en seksualiteit bij hem hand in hand. Mogelijk heeft dat ermee te maken dat hij zou zijn misbruikt in het internaat Jan Pieter Heijen in Oosterbeek. Hij zou het slachtofferschap hebben omgezet in daderschap en zich juist op jonge meisjes hebben gericht over wie hij macht kon hebben. Kinderen zijn voor hem een lustobject. Het zou volgens psychiater De Mon niet ondenkbaar zijn dat deze pedofiel zich van een kind ontdoet middels moord als het niet wil. TBS met dwangverpleging is nodig.

Tegenover een psycholoog verklaarde hij dat hij met meerdere meisjes seks had. Volgens de psycholoog is het kennelijke geheugenverlies van Geert B. erg selectief.

Geert B. zegt dat hij geholpen wil worden, maar niet in een gesloten inrichting en zeker niet via tbs met dwangverpleging. Dat doet hem dan teveel denken aan de hel in de J.P Heijen. “Ik ben daar verschrikkelijk bang voor”, zegt hij.

B. zegt dat hij ook goed werk heeft gedaan, vrijwilligerswerk met ouderen bijvoorbeeld. Een rechter wijst erop dat hij moest stoppen als vrijwilliger bij een gymnastiekvereniging in Enschede omdat hij zich ten opzichte van een meisje vreemd gedroeg.

Officier Van justitie Van der Werf maakte de volgende reconstructie van 14 februari 1991. Op die dag van Semiha’s dood was Geert B. vrij. Hij zou zijn woning aan de Wilhelminalaan overdragen aan nieuwe huurders. Als B. bezig is met de lamellen ziet hij aan de overkant Semiha voor het raam staan. Semiha is alleen thuis, haar moeder werkt en haar vader is naar een cursus. Haar moeder belt zo nu en dan naar huis om na te gaan of alles goed gaat.

Van der Werf loopt de tijdlijn van de verdachte langs en van de diverse mensen die hem hebben gezien. Ze concludeert dat hij tussen 12.00 en 13.00 uur de gelegenheid had om Semiha te vermoorden.

Het nachthemd van moeder waarmee Semiha werd gewurgd, was de dag ervoor gewassen. Er bevonden zich drie speekselsporten op. Er werd in dat jaar bloed afgenomen bij Geert B., maar dat wees geen overeenkomst uit. De officier zegt nu dat dit onderzoek fout moet zijn geweest, begrijpelijk gezien de beginfase van het DNA-onderzoek.

De sporen werden in 2003 verder onderzocht. Ze bevatten DNA van de moeder, een van de dochter en een van een onbekende man. Er werd bij ruim zeventig mensen DNA afgenomen, maar niets matchte. Drie mannen, onder wie B., weigerden DNA af te staan. Van der Werf beschreef hoe het DNA dat in 2009 van B. werd afgenomen de doorbraak leverde. Diverse DNA-sporen blijken nu overeen te komen met dat van de verdachte en leveren daarmee een belangrijk bewijs.

Van der Werf zet uiteen dat de verklaringen van Geert B. in eerste instantie bij de politie afgelegd in een ontspannen sfeer verliepen. Zij wil daarom vasthouden aan zijn eerste uitlatingen dat hij wel bij Semiha in huis was. Dat zou ook verklaren waarom hij een aantal details van de kamer weet. Alle verhaaltjes die hij verzint als uitleg voor zijn speeksel op de nachtpon, ziet zij als leugens om onder de waarheid uit te komen.

Als bewijs neemt Van der Werf ook mee dat de manier waarop B. Semiha seksueel misbruikte overeenkwam met de voorkeur van misbruik bij andere meisjes. In 1991 werd hij voor een misbruik veroordeeld dat bij het slachtoffer tot dezelfde verwondingen leidde als bij Semiha werden gevonden.

Volgens Van der Werf is er geen sprake van moord (met voorbedachten rade), maar van doodslag. Geert B. wilde van zijn lustobject af toen dat zich verzette. Hij kwam niet aan zijn gerief en wurgde haar.

Plaats op NuJij Voeg toe aan Blig Facebook Facebook