dinsdag 28 december 2004

10 jaar voor moord op prostituee

Een 23-jarige Tilburger is vandaag door de Rechtbank in Breda veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf voor de moord op Monica Engels, een 45-jarige prostituee uit Breda.

De rechter vond de wisselende verklaringen van de man ongeloofwaardig. De straf is gelijk aan de eis van het Openbaar Ministerie.

Engels werd in de ochtend van 13 november met doorgesneden keel en een diepe steekwond in de buik gevonden op het volkstuincomplex aan de Van Ingenhovenlaan in Tilburg-Noord. Aanvankelijk kwamen een inwoner van Waalwijk (38) en een man uit Kaatsheuvel in beeld als verdachten. De Waalwijker gebruikte samen met het slachtoffer drugs op parkeerplaats Het Vaerland bij Waspik, het werkterrein van de vrouw. Hij bracht bij de Kaatsheuvelnaar, een kennis, de rest van de nacht door. De Waalwijker werd wel vervolgd, maar na een eis tot vrijspraak ook daadwerkelijk vrijgesproken. De zaak van de Kaatsheuvelnaar werd geseponeerd ’wegens gebrek aan Engels is vermeodelijk na het drugsgebruik met de Waalwijker naar Tilburg gereden om de 23-jarige verdachte op te zoeken. Hij was een klant en woonde in de buurt van de volkstuinen waar Engels in de ochtend van 13 november met doorgesneden keel werd gevonden. bewijs’.

De veroordeelde ex-Joegoslaaf heeft toegegeven dat hij met Engels betaalde seks heeft gehad in de nacht van de moord. Volgens hem was ze al dood toen hij haar later die nacht voor een tweede keer zag op het volkstuincomplex.

In juli 2004 had de rechtbank al beslist dat de man van Joegoslavische afkomst in het Pieter Baan Centrum moest worden onderzocht. 

Een psycholoog die de verdachte heeft onderzocht, adviseerde de rechtbank in Breda tbs met dwangverpleging op te leggen om recidive te voorkomen. Aan een psychiatrisch onderzoek weigerde de man mee te werken.

 

Update: Hoger beroep 29 december 2005

Het hof in Den Bosch heeft de inmiddels 24 jarige  Joegoslaaf eveneens tot 10 jaar veroordeeld voor de moord.

De talrijke telefonische contacten met het slachtoffer in de nacht van de moord. De wisselende, deels aantoonbaar onjuiste verklaringen die hij daarover heeft afgelegd. En het feit dat hij tegen zijn toenmalige vriendin heeft gezegd dat hij ’iets verschrikkelijks’ had gedaan, daar leidt het gerechtshof in Den Bosch uit af dat hij degene is geweest die de Bredase Monica Engels om het leven heeft gebracht.  Bij de hoogte van de straf heeft meegespeeld dat de man de verslaafde prostituee ’zonder aanwijsbaar motief op uiterst gewelddadige wijze om het leven heeft gebracht’.

Plaats op NuJij Voeg toe aan Blig Facebook Facebook

woensdag 1 december 2004

Tunnelvisie in Enschedese ontuchtzaak

In het voorjaar van 1999 ontrafelt de politie in Enschede een grote ontuchtzaak. Hoofdverdachten zijn Melissa en Debora K., dertien en elf jaar oud. De zusjes bekennen dat zij `tientallen' kleuters seksueel hebben misbruikt. Ze vertellen bovendien, dat zij zelf het slachtoffer van incest zijn en met medeweten van hun ouders en een oom jonge kinderen uit Enschedese woonwijken hebben geronseld en verkracht. Ook de ouders en oom verdwijnen achter tralies. Het was niet de eerste dubieuze zedenzaak in deze regio. Wellicht was het rechercheteam vooringenomen want er wordt fout op fout gestapeld

Melissa en Debora zijn zwakbegaafd en komen uit een probleemgezin. Ze hangen graag rond op straat en pesten dan andere kinderen. Twee keer worden de zusjes door de kinderbescherming uit huis geplaatst. Hun vader is aan de drank, wordt daar zonder veel succes voor behandeld en belandt in de gevangenis nadat hij probeert om zijn woning in brand te steken.
Het gezin wordt vier keer door de woningbouwvereniging op straat gezet en trekt daardoor van het ene huis naar het andere. Hulpverleners zitten met de handen in het haar. De familie K. oefende een soort buurtterreur uit. Maar waren zij ook de spil van een ontuchtdrama?

Het merendeel van de ruim 75 aangiftes komt binnen nádat de zusjes K. zijn gearresteerd. Zo levert een informatieavond voor verontruste buurtbewoners in één klap 22 nieuwe meldingen op. Voorgedrukte aangifteformulieren liggen klaar. 1 De `ontuchtzusjes' worden voorpaginanieuws en het speciale zedenteam van de politie Twente gaat actief op zoek naar slachtoffertjes. Die vindt het in de Enschedese woonwijken Boswinkel en Wesselerbrink, later zelfs tot in Oldenzaal: de zusjes hebben daar in een internaat gezeten en de politie denkt dat ze toen kinderen ontuchtig hebben betast. Het was de leiding nooit opgevallen. Deborah vertelt dat ze `in de poppenhoek' op school `alle kindjes uit (haar) klas' heeft misbruikt met injectienaalden. Geen leerkracht had ooit iets door.

Kunnen twee zwakbegaafde meisjes tientallen kinderen seksueel misbruiken zonder dat iemand hen betrapt? Aanvankelijk zeggen ze dat de ontucht plaatsvond in het bos, de kinderboerderij en de speeltuin. Later wordt het verhaal dat ze de slachtoffertjes soms eerst ontvoerden en vervolgens verkrachtten in huize K. Af en toe deden dan hun ouders en oom Johnny van D. mee. Zo zou dit drietal bij herhaling kinderen hebben vastgebonden en verkracht onder bedreiging van een pistool. Vrijwel niemand merkt iets van de massale ontucht. Wel klagen buurtbewoners regelmatig over het getreiter van de zusjes. Soms wordt daarbij ook melding gemaakt van vieze spelletjes die ze met andere kinderen doen. De politie negeert deze verhalen aanvankelijk.

Onduidelijk is hoe de vermeende slachtoffers precies getraceerd zijn. De zusjes weten namelijk niet meer precies wie ze allemaal hebben misbruikt. De getroffen kinderen zijn vaak nog kleuters en bovendien zijn de verkrachtingen volgens de tenlastelegging gestopt na juli 1998 – bijna een jaar voor de recherche haar onderzoek begon. Het lange tijdsverloop zal de betrouwbaarheid van de verklaringen wel niet ten goede zijn gekomen: soms vond het misbruik immers al in 1995 of '96 plaats. Geen van de slachtoffertjes werd in de rechtszaal als getuige opgeroepen, altijd waren het de ouders die aangifte deden.

Enschede is ondertussen gegrepen door zedenhysterie en de politie vindt overal waar zij haar neus om de hoek steekt paranoïde ouders en nieuwe slachtoffertjes. Benadrukt een politiewoordvoerder in juni nog dat het beslist om ernstiger gedrag gaat dan `doktertje spelen', het Openbaar Ministerie spreekt vier maanden later over kinderen die zijn verkracht en daarna in een vijver werden gegooid. De meisjes zouden ook kinderen met injectienaalden hebben geprikt en tientallen kinderen ondergaan een aidstest. Officier van justitie Van der Valk stelt begin 2001 in Opportuun, het bedrijfsblad van het Openbaar Ministerie, dat ze iedere melding van seksueel misbruik zeer serieus neemt.

Interessant is ook het rapport van jeugdpsycholoog drs. U. Terpstra pro justitia over de dertienjarige Melissa. Over de delictbeleving schrijft hij: `De delicten en haar gevoelens daarbij zijn nauwelijks of niet bespreekbaar. Uiteindelijk ``bekent'' ze bij de gebeurtenissen aanwezig te zijn geweest en zich daar schuldig over te voelen en straf verdiend te hebben. Zo verwacht ze enige tijd een behandeling te krijgen, ze vertelt dit vanaf grote afstand en mededelend.'

Dit is een opmerkelijke constatering. Valse verklaringen kenmerken zich door het ontbreken van details en specifieke kennis die alleen de dader kan weten. Ook kan de betrokkene vaak niet zonder `hulp' van zijn ondervrager over het misdrijf vertellen, simpelweg omdat hij er zelf niet bij was. Een valse bekentenis kan ontstaan, omdat de politie een te grote psychologische druk op de ondervraagde uitoefent. Het zou in dit verband interessant zijn om te weten of Melissa meer dan gemiddeld suggestibel is. Suggestibiliteit is een ongewenste eigenschap voor zowel verdachten als getuigen, en er bestaan tests voor. 2

Terpstra bespeurt echter geen onraad en constateert bij Melissa een `al jaren bestaande gedragsstoornis.' Vervolgens klimt hij op de stoel van de psychiater en noteert: `bij Melissa [is] in psychiatrische zin sprake van een specifieke emotionele ontwikkelingsstoornis (``alexithymie'', partiële gevoelsdissociatie).' 3 Dissociatie zou onder meer inhouden dat traumatische herinneringen op een aparte plaats in het hoofd worden opgeborgen. Het dagelijks bewustzijn heeft aldus geen weet meer van het trauma. Dissociatie zou onder meer de nogal dubieuze Meervoudige Persoonlijkheids Stoornis (MPS) veroorzaken (zie onder meer Skepter, juni 1992, maart 1993, juni 1993, maart 1994, juni 1998 en december 2001; tegenwoordig spreekt men van Dissociatieve Identiteitsstoornis, DIS). Ook een andere getuige-deskundige, psychiater F. Bruinsma, denkt dat Melissa lijdt aan `alexithymie'.

De advocate van Melissa heeft niet door dat de bewijsvoering tegen haar cliënte rammelt en voert alleen aan dat het meisje zelf slachtoffer is van incest en daardoor ernstig getraumatiseerd. Melissa wordt op 26 oktober 1999 door de rechtbank in Almelo schuldig verklaard aan zes gevallen van seksueel misbruik. 4 Ze is veroordeeld tot een half jaar jeugddetentie en jeugd-tbs. De rechtbank stelt expliciet dat Melissa vermoedelijk `zelf het slachtoffer is geweest van seksueel misbruik' en loopt daarmee vooruit op de latere veroordeling van de ouders en oom.

Tijdens het voorlezen van het vonnis kan de vice-voorzitter van de meervoudige strafkamer zijn tranen niet helemaal bedwingen. Later wordt verklaard dat de man zelf ook kinderen heeft en medelijden voelt met de slachtoffertjes van de jeugdige ontuchtplegers.

Debora was nog maar elf jaar oud toen de politie haar arresteerde en is derhalve niet strafrechtelijk vervolgbaar. Ze is langs civielrechtelijke weg opgesloten in een justitiële jeugdinrichting.

Vele fouten
De anticlimax rond de verklaringen van de `ontuchtzusjes' blijft niet uit. Vooral de verhoren waarin Melissa en Debora de rol van hun ouders toelichten, blijken niet geloofwaardig. Hans Crombag, emeritus hoogleraar rechtspsychologie, onthult eind 2001 dat de processen-verbaal van deze verhoren op ten minste twee belangrijke punten niet overeenkomen met de gesprekken zoals die op cassetteband staan. Tijdens het beluisteren van de banden valt hem ook iets anders op: `De recherche maakt de meest fantastische verhoorfouten. Alle fouten die in het boekje staan, worden gemaakt. En nog een paar meer.'

Zo krijgen Melissa en Debora eerst tirades over hun ouders en oom te horen en mogen ze daarna hun mening geven. Ook worden de zusjes tijdens de meer dan twintig verhoren voortdurend geconfronteerd met elkaars verklaringen. Crombag: `Een keer vraagt Melissa: ``Heeft Debora dat al gezegd?'' Waarop de verhoorder reageert: ``Nee, dat gaat ze morgen zeggen''.' Ook ontkent Melissa na verloop van tijd weer dat ze seksueel is misbruikt door haar ouders. De rechtbank handhaaft de oude verklaring. Later zal ze tegen psychiater Bruinsma zeggen: `Ik heb gewoon naverteld wat ze tegen me zeiden. Als je niet bekent, dan moest je langer blijven.'

Ook de nationale recherchetop staat zeer sceptisch tegenover wat volgens de Twentsche Courant Tubantia `Neerlands grootste ontuchtzaak' is. Carlo Schippers, hoofdinspecteur van de – dan nog – Centrale Recherche Informatiedienst (CRI), veegt samen met Nicole Nierop in een intern rapport de vloer aan met de werkwijze van het politieteam dat onderzoek doet naar het Enschedese ontuchtsyndicaat.

Schippers en Nierop werden al in de herfst van 1999 geraadpleegd door hun Twentse collega's. De verhoren van de ouders K. en de oom Van D. wilden maar niet vlotten. De verdachten weigeren te bekennen dat zij hun eigen kinderen misbruikten, de drijvende kracht waren achter een soort ontuchtsyndicaat en en passant ook nog kinderporno vervaardigden. Het idee dat de mensen weleens onschuldig zouden kunnen zijn, komt bij de ondervragers niet op.

Waaruit bestaat dit onweerlegbare bewijs van de schuld van de ouders en oom? Allereerst zijn er de – aangedikte – verklaringen van de zusjes en andere vermeende slachtoffertjes. En er is zelfs een smoking gun: een video-opname van deels naakte familieleden. Schippers betitelt deze als groezelig en normvervagend, maar ziet de opname niet als een bewijs voor seksueel misbruik of fabricage van kinderporno. `Enige verdenking kon ik er niet uit halen.' 5 De verlangde verhoorstrategie blijft dan ook uit. Het Openbaar Ministerie, met in haar kielzog de Almelose raadkamer, probeert ondertussen de verdachten te breken met een minder chic instrument: de ouders en oom zitten maandenlang opgesloten `in beperkingen', zonder kranten, radio, post, telefoon of bezoek. Oom Johnny wordt 24 keer verhoord, de vader 28 keer en moeder zelfs 34 keer. Toch houden zij vol onschuldig te zijn.

In het Pieter Baan Centrum (PBC), de observatiekliniek van het ministerie van Justitie, weten ze daar een mouw aan te passen. De ontkenningen duiden niet zozeer op de onschuld van de verdachten, ze zijn een aanwijzing voor geestelijke afwijkingen. Bij de vader van Melissa en Debora wordt een narcistische, theatrale en paranoïde persoonlijkheidsstoornis geconstateerd. Alsof dat niet genoeg is, kampt hij ook nog met een `massieve kinderlijke egocentriciteit en gekrenktheid.' De conclusie van het PBC? `Het ontkennen en bagatelliseren past bij zijn persoonlijkheidsstoornis. Hij voelt de noodzaak zich schoon te praten.' 6

Tijdens de behandeling in hoger beroep wordt de verdediging verrast met het interne rapport dat Schippers en Nierop na aanleiding van hun bezoek in 1999 hebben opgesteld, maar dat het Openbaar Ministerie tot dan toe geheim heeft gehouden.

De kritiek liegt er niet om. `Bij ons ontstond het idee van vooringenomenheid bij het rechercheteam,' zegt Schippers. `Vanuit het niets vroeg de chef: ``Denken jullie dat het allemaal gebakken lucht is?'' We kregen het gevoel dat we bij dat team op eieren moesten lopen.' 5 Evenals rechtspsycholoog Crombag bespeurt de CRI bij zijn Twentse collega's gebrek aan competentie en kritische zin. De verhoren van Melissa en Debora worden bestempeld als onethisch, vooringenomen, onaanvaardbaar en onomkeerbaar. Schippers: `Er is fout op fout gestapeld. De verhoren kunnen de toets der kritiek niet of amper doorstaan.'

Dit zou betekenen dat niet alleen de ouders en oom ten onrechte zijn veroordeeld, maar mogelijk ook dat Melissa en Debora zelf het slachtoffer zijn van een rechterlijke dwaling. Slachtofferverklaring en bekentenis zijn namelijk verkregen door hetzelfde verhoorkoppel. Mr. E. Abels, de advocate van Melissa, ziet de nieuwe gegevens overigens niet als een reden om in cassatie te gaan. `Voor mij is de zaak afgesloten', zegt ze in een telefoongesprek.

Schippers en zijn collega Nierop worden als getuige-deskundige opgeroepen en mogen hun bevindingen toelichten. Ook Crombag komt aan het woord. Maar het mag niet baten. In februari 2002 veroordeelt het Gerechtshof in Arnhem de vader tot acht jaar cel en tbs. De oom moet zeven jaar de gevangenis in en de moeder vijf jaar. De ontkennende houding van vader K. is volgens het Hof geen aanwijzing voor mogelijke onschuld, maar wijst juist op een verhoogd recidiverisico: hij weigert zijn eigen fouten onder ogen te zien. De kanttekeningen van Crombag worden afgedaan als niet-relevant en het CRI-rapport wordt zonder verder commentaar van tafel geveegd: in de arresten wordt niet inhoudelijk op de kritiek ingegaan. De advocaten hebben cassatie aangetekend.

De zaak-K. is niet de eerste Twentse ontuchtkwestie waarbij tientallen slachtoffertjes worden ontdekt. In 1991 bekent de twaalfjarige Patrick dat hij in anderhalf jaar tijd tweehonderd kinderen uit zijn woonplaats Enschede seksueel heeft misbruikt. Ook in deze zaak verliep het opsporingsonderzoek niet volgens het boekje. Karin Koopmans, moeder van twee slachtoffertjes, schreef op 10 oktober 1991 in de Volkskrant dat `risicofactoren' als bedplassen, geïrriteerde geslachtsorganen en plotselinge belangstelling voor seksualiteit (`Heeft papa ook weleens een witte plas?') voldoende waren om een kind aan te wijzen als vermoedelijk slachtoffer. Als zij eenmaal een verklaring hadden afgelegd, kregen ze van de rechercheurs een beloning.

Kritiek bleef niet uit. Massapsycholoog Benjamin Rossen hekelde de opsporings- en verhoorstrategie vijf dagen eerder in hetzelfde dagblad: `Wanneer men hoort dat de Enschedese politie ouders heeft verteld dat hun kinderen mogelijk zijn misbruikt en dat ze alert moeten zijn op signalen daarvan, vraagt men zich af of dit korps wellicht op een andere planeet leeft.' Volgens hem gaf de Enschedese politie de hysterie vrij baan. Acht jaar later worden precies dezelfde fouten opnieuw gemaakt. Maatschappelijk werkster Petra Gerritsen, betrokken in de zaak-Patrick en sindsdien zelfbenoemd zedendeskundige, heeft Melissa zelfs in de jeugdinrichting opgezocht en haar gemaand om nu toch eindelijk de waarheid te vertellen over haar ouders en oom.

Dubieuze zedenzaken in Twente kunnen in de hand worden gewerkt door de strategie van het politiekorps: omvangrijke ontuchtkwesties worden doorgesluisd naar een speciale zedeneenheid. Zo'n team van rechercheurs en hulpverleners onderzoekt de verdenkingen en helpt tegelijk de slachtoffertjes. Getuige de ontuchtfamilie K. en de zaak-Patrick gaat het dan weleens fout.

In zedenzaken bestaat het bewijsmateriaal vaak uit alleen maar mondelinge verklaringen. De maatschappelijke pressie is bovendien erg groot. Het risico van een blunder is in dit soort zaken dus sowieso groter dan normaal. Als deze situatie samengaat met een scoringsdrang en incompetentie, dan is een politionele dwaling niet ver meer weg. De kritiek in het CRI-rapport, een onkritische attitude en twijfelachtige verhoorstrategieën, komt neer op tunneldenken: de politie buigt al het bewijsmateriaal in de richting van één bepaalde verdachte of één bepaalde hypothese. In de vakliteratuur is dit fenomeen wel aangeduid als een shared delusion. 7

In de woorden van Crombag: `Ze zijn er heilig van overtuigd dat zij weten wat de waarheid is. En in het belang van de waarheid moet je soms het bewijsmateriaal een handje helpen.'

Noten
1. Hoe dit soort onschuldig ogende politiemededelingen tot een rechterlijke dwaling kunnen leiden, is illustratief beschreven door Paul en Shirley Eberle in The abuse of innocence: the McMartin Preschool trial, Prometheus Books, 1993. In de McMartin-affaire (Californië, 1983) was het geen informatie-avond, maar een rondgestuurde brief die bijdroeg aan een heksenjacht.

2. Zie voor een overzicht bijvoorbeeld: G. Gudjonsson, The psychology of interrogations and confessions, John Wiley & Sons, 2003.

3. Alexithymie is volgens één definitie een gebrekkig vermogen de eigen emoties te onderkennen of te verwoorden, al dan niet in combinatie met fantasieloosheid en beperkte affecties.

4. De meeste andere zaken kunnen Melissa niet ten laste gelegd worden, omdat die speelden voor haar twaalfde verjaardag, de leeftijdsgrens voor strafrechtelijke vervolgbaarheid.

5. Schippers aangehaald in twee artikelen uit de Twentsche Courant Tubantia: `Denken jullie dat het gebakken lucht is?' en `Deskundigen van CRI kraken ``zusjesverhoor'' ', beide 30 oktober 2001.

6. `Wij zagen een boze man,' Twentsche Courant Tubantia, 14 april 2001.

7. De term is ontleend aan: B. Woffinden, Miscarriages of justice, Hodder en Stoughton, 1987.

Plaats op NuJij Voeg toe aan Blig Facebook Facebook

dinsdag 16 november 2004

Chinese studente vermoord in Haarlem

Yi GuOm half twee vannacht is in haar apartement aan de Boerhavelaan in Haarlem het lichaam gevonden van de in Sjanghai geboren chinese studente Veronica Yi Gu (31) (foto), ook bekend als 'Ronnie' of 'Lonny'. Zij is gewurgd met een electriciteitssnoer en haar mond en neus zijn afgeplakt met tape. Door de moord is ook het ongeboren kind van Veronica overleden. Yi Gu was tweedejaars studente International Business and Management aan de Hogeschool InHolland.

De politie is gewaarschuwd door vrienden van Veronica die zich zorgen maken omdat de 7 maanden zwangere Veronica de telefoon niet opneemt en ook niet geageert op kloppen. Haar vriend zit op dat moment wegens familieomstandigheden in Amerika.
Uit de woning wordt onder andere een laptop en een pinpas vermist, waarmee in Heemstede wordt gepind. Als de foto van de bewakingscamera op TV wordt vertoond wordt de pinner herkend als Jian Xia (27).

Jia Xia woonde bij Yi Gu in de buurt, kende haar en was ook wel eens in haar flat geweest.
In zijn flat treft de politie nog meer spullen aan van Veronica, Jia Xia is echter gevlogen.

jian-xia pint Update 2-2-2010: Jian Xia is nog altijd niet gevonden, het laatste spoor dateert van eind 2004 in Antwerpen, hij wordt op de nationale opsporingslijst geplaatst.

Plaats op NuJij Voeg toe aan Blig Facebook Facebook

woensdag 10 november 2004

Moordonderzoek Ancharee Sripho heropend

Ancharee Sripho De Politie Zuid-Holland-Zuid heeft onderzoek naar de moord op Ancharee Sripho (28) (foto) heropend. Sripho werd op Goede Vrijdag 28 maart 1997  dood aangetroffen in de kelderbox van haar woning in de Van Ewijkstraat in Dordrecht.

Op de avond van de moord was alleen haar zoontje (6) in haar woning aanwezig. Hij kon niet vertellen waar zijn moeder was. Er werd alarm geslagen. In de loop van de dag vond de politie het stoffelijk overschot van Sripho, in haar eigen kelderbox. Zij was door een misdrijf om het leven gekomen.

Er is destijds een team van ongeveer 25 mensen op de zaak gezet, maar de moord bleef onopgelost. Mede omdat de afgelopen jaren de opsporingstechnieken sterk verbeterd zijn, leende deze zaak zich voor een nieuw onderzoek. Er wordt een DNA onderzoek ingezet als opsporingstechniek onder een groep personen die een nauwe relatie had met het slachtoffer. Daarnaast wordt een buurtonderzoek gehouden onder mensen die destijds te bereiken waren. Ook worden personen benaderd die al eerder een verklaring hebben afgelegd in deze zaak.

Update 3 december 2004 De regiopolitie Zuid Holland Zuid heeft een 61-jarige man uit Dordrecht aangehouden.  De man was in 1997 ook al als verdachte in beeld geweest. Op maandag 6 december 2004 heeft de rechter-commissaris de verdachte in voorlopige hechtenis gesteld. Op 15 december zal de rechtbank beslissen of de voorlopige hechtenis wordt verlengd. Het onderzoek wordt voortgezet.

Plaats op NuJij Voeg toe aan Blig Facebook Facebook

vrijdag 15 oktober 2004

10 jaar in hoger beroep voor badkuipmoord.

Kris J.
Kris-J_VarschaVerdachte199-150
Kris J. (39) uit Veendam is vandaag door het gerechtshof in Leeuwarden veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf plus tbs met dwangverpleging voor de zogenoemde badkuipmoord. Het hof acht bewezen dat de Kris J. in 2002 Varscha Mohansingh (14) in de badkamer van haar ouderlijk huis in Wildervank heeft vermoord. Advocaat-generaal A. Garos eiste twee weken geleden twaalf jaar plus tbs tegen J.

Afgelopen maart werd de verdachte door de rechtbank in Groningen veroordeeld tot acht jaar cel plus tbs met dwangverpleging. Op grond van dna-onderzoek oordeelde de rechtbank dat de man de keel van het slachtoffer heeft dichtgeknepen en haar in de badkuip onder water heeft gehouden. J., die gold als een huisvriend van de familie, ging tegen die uitspraak in beroep.

De veroordeelde heeft eerder toegegeven dat hij ten tijde van de dood van het meisje in haar woning aanwezig was. Hij blijft echter ontkennen dat hij haar heeft vermoord. In eerste instantie verklaarde hij dat Varscha van de trap was gevallen, waarna hij haar in paniek in de badkuip legde. Later trok hij die verklaring weer in. Evenals de rechtbank beschouwt het gerechtshof het dna-materiaal van de verdachte op het lichaam van het slachtoffer als doorslaggevend bewijs.

Varscha Mohansingh
varscha. mohansingh
In september 2002 werd Varscha door haar broertje dood in de badkuip aangetroffen. Zij bleek door geweld om het leven te zijn gebracht. Na een onderzoek van enkele maanden hield de politie J. aan. Het belangrijkste bewijs in deze zaak zijn de DNA-sporen van J. onder de nagels van Varscha.

Uit onderzoek bleek dat J. narcistische trekken heeft. Zijn onvruchtbaarheid zou er toe hebben geleid dat hij een overdreven vadergevoel voor andermans kinderen ontwikkelde. Toen Varscha zijn 'ouderlijk' gezag afwees, is hij wellicht tot de fatale daad gekomen.

Plaats op NuJij Voeg toe aan Blig Facebook Facebook

zondag 15 augustus 2004

Moord in Berg Terblijt

Afgelopen nacht is in zijn woning aan de Lindenstraat in Berg en Terblijt Jef Leukel (68) bij een overval omgebracht, zijn vrouw Mia Leukel-Geenen (69) raakte zwaar gewond.

De politie kreeg rond 00.30 uur de melding van de overval binnen. In de woning trof de politie de overleden man en zijn gewonde vrouw aan.  De vrouw is overgebracht naar een ziekenhuis (en ligt vervolgens geruime tijd in coma).

Over de aard van haar verwondingen en over de doodsoorzaak van Jef leukel kan de politie nog niets zeggen. Er zijn in verband met de zaak nog geen mensen aangehouden.

In het huis in  blijkt een waar bloedbad aangericht. De vrouw was, ondanks haar zware letsel echter nog in staat om in paniek de politie te alarmeren.

Op het moment dat de politie na de melding arriveerde, was Sjef Leukel al overleden. De dader(s) heeft (hebben) vreemd genoeg alleen de horloges en de trouwringen van het echtpaar meegenomen. Saillant detail is dat op donderdag, enkele dagen voor het misdrijf, het alarm van het echtpaar Leukel een keer of vijf is afgegaan. Volgens een omwonende was er echter niet veel te halen bij het echtpaar. “Die man was niet rijk. Hij deed ook geen vlieg kwaad”, zegt buurman Cobben. “Ik ben wel bang dat hij zich verzet heeft tegen die overvallers. Want Sjef zou zich nooit zomaar klakkeloos overgeven. Daar kende ik hem te goed voor.”

De politie heeft een Team Grootschalig Opsporingsonderzoek moeten optrommelen uit alle hoeken van Zuid-Nederland. Want het korps Limburg- Zuid is wederom overbezet na de vierde moord in amper twee weken tijd. Eerst de moord op opticien Isabelle Pongs in haar winkel in Landgraaf (30 juli). Vervolgens werd het levenloze lichaam van de vermiste Belg Pierre Collette ontdekt op de Sint Pietersberg (4 augustus). Daarnaast is het onderzoek naar de moord op Maurice Hendriks in Heerlen ( 5 augustus) nog niet afgerond. Ook is een team nog volop bezig met de zeer zware mishandeling van een man op een parkeerplaats langs de Brunssumerheide. (Later zou dit bekend worden als de ‘Flikkertik’ zaak waarin uiteindelijk op 16 april 2007,  14 verdachten voor de rechter zouden komen.)

Update 18 augustus 2004:
Hoewel de dader volgens Mia Nederlands sprak denkt de politie dat de vermoedelijke dader van de moord op Jef Leukel afkomstig is uit de Baltische Staten. De politie vond vlakbij de afgelegen woning van het echtpaar een trui en een paar schoenen, waarschijnlijk door de dader op zijn vlucht achtergelaten. Deze spullen blijken afkomstig uit Estland, Letland of Litouwen.

De politie zoekt getuigen die een man in de buurt Terblijt, Sibbe, Vilt of Bemelen blootsvoets hebben zien lopen. Een achtergelaten flesje water en een plastic zak deden het spoor naar Wommelgem (België) lopen. De recherche stuurt een SMS boodschap naar alle mobieltjes die uren voor de moord in de buurt van een benzinestation en winkel in Wommelgem zijn geweest maar zonder resultaat.

De logs van de zendmasten op de plaats delict laten echter 3 litouwse nummers gevonden die intensief gebeld hebben.

Update 13 april 2005:
Afgelopen week werden drie Litouwse mannen aangehouden in Denemarken en Duitsland op verzoek van de Nederlandse justitie, in verband met de moord. Eén is er afgelopen maandag al vrijgelaten en vandaag is ook het uitleveringsverzoek tegen de overige twee ingetrokken wegens gebrek aan bewijs. Volgens justitie blijven de mannen nog wel verdachte. De mannen hebben een sluitend alibi.

Update 7 September 2005
Politie maakte bekend een grootschalig vingerafdruk onderzoek te willen starten. Ook werd er een daderprofiel gemaakt.
De zaak raakt bekend als ‘de Limburgse Heuvelmoord’.

Al met al heeft het weinig weg van een roofmoord. De dader is met zoveel geweld tekeergegaan dat het haast lijkt op een diepe haat tegen Leukel, ook is er geen geld verdwenen.

Update 3 mei 2009
Zie Opnieuw de moord in Berg en Terblijt, aangaande de uitzending van Peter de Vries

Plaats op NuJij Voeg toe aan Blig Facebook Facebook